Goudvissen

In samenwerking met Tetra
goudvissen

Het houden van goudvissen is in principe makkelijk en ongecompliceerd, maar de stereotypische goudvissenkom is geen geschikte leefomgeving voor de kleine, charmante diertjes. Waar je bij het houden van goudvissen op moet letten en wat voor verzorging deze levende versieringen nodig hebben, leer je hier.

Waar zijn goudvissen aan te herkennen?

Goudvissen horen bij de familie van de karperachtigen en worden al lang als siervissen gehouden. Door duizenden jaren kweek zijn er talloze varianten van de goudvis ontstaan. Zo is de naam ‘goudvis’ tegenwoordig eerder verwarrend, want er zijn niet alleen goudgele soorten, maar deze visjes komen in een breed spectrum aan kleuren voor. Ook de vorm van de vinnen en de staart komen in veel verschillende gedaantes voor. Meer hierover in de volgende alinea.

Welke soorten goudvissen zijn er?

Alle bekende goudvissen horen bij een huisdiersoort. Omdat ze bekend staan als uiterst robuuste diertjes die makkelijk te houden zijn, zijn kwekers al vroeg begonnen, de sierlijke dieren in vijvers te houden. Al meer dan duizend jaar geleden werden ze in China gekweekt en zijn daarmee, na de Koikarpers, de op één na oudste siervissensoort ter wereld.

Hierdoor kijkt er niemand van op dat er vandaag de dag een groot aantal wijd uiteenlopende goudvissoorten zijn. Alleen al in China zijn er meer dan 350 tot 400 verschillende soorten bekend.

In het land van herkomst China en in Japan begon de kweek van varianten met sierlijke sluierachtige vinnen, omdat die daar in de cultuur verankerd zijn als symbolen geluk en vruchtbaarheid. Naast verschillende verschijningsvormen van de vinnen en lijfjes zijn er ook verschillen in patronen en kleuren.

Houd er echter wel rekening mee dat een aantal van deze kweeksoorten uit het oogpunt van de dierenbescherming verboden zijn. Bij een aantal van de drastische veranderingen in skelet en kop en bij ontbrekende vinnen kan dit ook doorfokken worden genoemd. Verzamel voor de aankoop daarom dan ook genoeg informatie over de afzonderlijke soorten en koop alleen diervriendelijk gefokte goudvissen.

Waar komen goudvissen oorspronkelijk vandaan?

Goudvissen zijn zoetwatervissen, die oorspronkelijk hun thuis in Oost-Azië hadden. Zoals eerder geschreven worden ze al duizend jaar lang als huisdier dat alleen als levende versiering dient gefokt. Hierom is het erg moeilijk om precies vast te stellen waar ze nu echt vandaan zijn gekomen.

Terwijl vroeger de kroeskarper als voorouder werd gezien, is dit tegenwoordig door klassieke morfometrische vergelijkingen weerlegd. Of de heersende opvatting dat de goudvis van de wijdverbreide giebel afstamt, juist is, moeten vergelijkende onderzoeken van het erfgoed van de goudvis en van de giebel nog bevestigen.

Omdat het gebruik van Latijnse wetenschappelijke namen voor huisdieren vrij ongebruikelijk is, klopt de soortnaam Carassius auratus die vaak gebruikt wordt eigenlijk niet helemaal. Wetenschappelijk correct zou de naam Carassius gibelio forma auratus (Bloch, 1782) zijn. Desalniettemin wordt in de handel vaak de eerste naam gebruikt.

Waar moet ik bij het houden van goudvissen op letten?

Ten eerste hebt je natuurlijk een aquarium van passende grootte nodig. Het houden in kleine, ronde kommen, zoals dat decennialang de norm was, is totaal niet goed voor de vissen – dit verkort hun levensverwachting dan ook drastisch. Bovendien bewegen goudvissen graag en veel en ook de waterkwaliteit en het zuurstofgehalte laat in zulke kommen sterk te wensen over.

Afhankelijk van ondersoort kunnen goudvissen tot 35 of 40 cm groot worden. Veel soorten die voor aquaria zijn bedoeld worden slechts 20 tot 25 cm groot. Dit wil echter niet zeggen dat je geen ruim aquarium hoeft aan te schaffen. Als vuistregel is aan te houden: Een goudvis heeft een aquarium met een inhoud van minstens 55 liter nodig. Reken daar voor iedere extra vis ongeveer 38 liter bij.

Een aantal soorten zijn echter zo groot dat ze alleen voor in vijvers zijn geschikt. Deze moet minstens anderhalve meter diep zijn, zodat de vissen hier ook in kunnen overwinteren. Als je een ondiepere vijver heeft, moeten de vissen ’s winters in koudwateraquaria worden ondergebracht, wat echter niet erg eenvoudig is. Zorg ervoor dat je van tevoren op de hoogte bent van de behoeften van de soorten die je op het oog hebt.

Over het algemeen zijn goudvissen niet erg veeleisend. Het water hoeft niet te worden verwarmd, maar het is al genoeg als het passief door de temperatuur van de lucht in de kamer op 12° tot 23°C wordt gehouden.

Een filter is daarentegen erg belangrijk om de goede kwaliteit van het water te garanderen. Hij moet aan de grootte van het aquarium zijn aangepast en drie standen hebben: Met de mechanische stand kunnen grotere deeltjes zoals uitwerpselen of voer dat over is worden weggewerkt, terwijl de chemische stand geurtjes, verkleuringen en andere organische stoffen uit de weg ruimt. De biologische stand scheidt daarentegen met bacteriën de uitwerpselen van ammoniak.

Planten in het aquarium zijn voor goudvissen echt niet nodig, omdat hij die meestal toch op zou vreten. Als decoratie kunt je dus ook nepplanten en stukken hout gebruiken. Zorg ervoor dat de objecten geen scherpe randjes hebben waar de vis zich aan kan verwonden. Zet het aquarium niet al te vol met decoratieobjecten, zodat de vissen nog genoeg bewegingsruimte hebben. Planten staan om die reden beter aan de randen. De bodem van het aquarium kun je eventueel met grind bedekken. Neem bij het inrichten van het aquarium en het planten van nieuwe planten of objecten altijd goede desinfectiemaatregelen.

Wat voor voeding hebben goudvissen nodig?

Het juiste dieet is een belangrijke voorwaarde voor gezonde vissen. Omdat goudvissen geen verzadigingsgevoel hebben, is het belangrijk een geschikte hoeveelheid te geven. Als vuistregel kun je aanhouden: geef zo veel voer als de vis in een minuut kan opeten.

Te veel voeren met minderwaardig voer kan overgewicht en daarna zware schade aan de lever tot gevolg hebben. Daarom is het beter om meerdere keren per dag kleinere porties te geven dan één keer per dag grote hoeveelheden voer.

Net als alle dieren houden goudvissen van afwisseling, maar het is belangrijker om een kwalitatief hoogstaand hoofdvoer te hebben. Standaard visvoer, zoals je in iedere dierenwinkel vindt, in de vorm van droogvlokken of -pellets kan af en toe aangevuld worden met levend voer (bijv. bevroren muggenlarven). Ook sla en Chinese kool worden erg graag gegeten. Bovendien kunnen aquariumplanten als voedselbron functioneren. Let er dan ook op dat je niet alleen maar lekkernijen als waterpest plant. Dit zou ertoe kunnen leiden dat het aquarium snel kaalgevreten wordt. Robuuste planten die niet of nauwelijks worden gegeten, zoals de vallisneria, zijn goede aanvullingen op de planten waar goudvissen van houden.

Drijvend voer moet van tevoren een paar seconden worden ingeweekt, zodat het afzinkt en de goudvis bij het eten minder lucht binnenkrijgt. Hetzelfde geldt voor gevriesdroogd voer. Week het in een kommetje met aquariumwater, zodat het voer niet uitzet in de maag van de goudvis en zo problemen bij het zwemmen veroorzaakt.

Hoe lang blijven goudvissen leven en wat voor ziekten kunnen ze krijgen?

Onder optimale omstandigheden kunnen de siervisjes meer dan 20 jaar oud worden en zo langdurig jouw huisgenoten blijven. Voorwaarde daarvoor is echter een geschikt aquarium en regelmatige verzorging, dat is de enige manier om ziekten zoals schimmels te voorkomen.

Het immuunsysteem van goudvissen is erg effectief. Toch kunnen de diertjes door ongunstige omstandigheden aan hun grenzen komen en ziek worden. Worden nieuwelingen in een bestaand visgezelschap ingevoerd, moeten ze minstens vier weken in quarantaine. Zijn er in deze tijd geen ziektebeelden opgedoken, kan het nieuwe visje aan de bestaande gelederen worden toegevoegd. Wissel daarbij eerst alleen wat water uit, zodat alle dieren hun immuunsystemen aan elkaar aan kunnen passen.

Omdat ook planten ziektes met zich mee kunnen dragen, moeten deze voordat ze in aquaria worden geplant steeds met een kaliumpermanganaat-oplossing gedesinfecteerd worden.

Deze voorzorgsmaatregelen zijn voor liefhebbers van goudvissen belangrijk, omdat er nauwelijks dierenartsen zijn die verstand hebben van zieke siervissen. Bovendien zijn er maar weinig ziekten met medicijnen te bestrijden. Voordat er echter medicijnen worden gebruikt, is een precieze diagnose vitaal, om de dieren niet nog meer te belasten. Consulteer daarom niet de dierenarts van je hond, maar zoek een arts op die zich in (sier-)vissen heeft gespecialiseerd.

Waar kan ik goudvissen kopen?

De goudvis en alle afgeleide varianten horen bij de huisdieren die wereldwijd het wijdst verbreid en het meest verhandeld worden. De dieren komen niet meer alleen uit de klassieke viskweeklanden in Zuidoost- en Oost-Azië, maar komen ook uit enorme kwekerijen in Italië, Florida en Israël. Goudvissen die in iedere aquariumvakhandel worden aangeboden zijn dus meestal geïmporteerd en dus moet er bij de aankoop op enkele belangrijke dingen worden gelet.

Ten eerste moet je rekening houden met de aanbeveling die in punt 3 is genoemd en je uiterste best doen om dierenmishandeling en kwellende kweek te vermijden.

Voor de gezondheid van de vis is het bovendien belangrijk om te kijken naar hoe de vissen in de winkel worden gehouden, dus naar de aquaria. Koop alleen vissen uit gezonde aquaria, om te voorkomen dat je ziekten in jouw eigen aquarium introduceert. Meestal zijn verkoopaquaria dan wel overbevolkt, maar de vis moet er toch nog gezond uitzien. Om dit te controleren kun je de vishandelaar zonder zorgen meerdere keren bezoeken en alleen vissen kopen die vrolijk en energiek rondzwemmen, eetlust hebben, alle vinnen uitspreiden en een gezond postuur en huidoppervlak hebben. Als de vis daarentegen een apathische indruk maakt, troebele ogen heeft of neergeslagen vinnen: haal die vis dan niet in huis!

Onze meest behulpzame artikelen

Axolotl

Sinds een paar jaar geleden is de Mexicaanse salamandersoort Axolotl een regelrechte trend. De vriendelijke blik op zijn gezicht en de opvallende kleuren maken het dier tot een echte blikvanger in ieder huis. Hoewel de axolotl als erg exotisch wordt gezien,  is het diertje relatief makkelijk te verzorgen. In dit artikel kun je alles over deze vissensoort leren.

De kogelvis

De familie van de kogelvissen (Tetraodontidae = viertandige) bestaat uit 25 onderfamilies met in totaal zo’n 200 soorten. Met een grootte van net twee centimeter is de dwergkogelvis (Carinotetraodon travancoricus) het kleinste lid van de familie. De reuzenkogelvis is – zoals de naam waarschijnlijk al verraadt – beduidend groter: deze kan een doorsnede van wel 1,20 meter hebben. Kogelvissen zijn vertegenwoordigers van de hoogontwikkelde beenvissen. In dit artikel lees je alles over de kogelvis.

Borstelneus (Antennemeerval)

Borstelneuzen – of antennemeervallen – zijn degelijke en vreedzame vissen, die erg goed met andere vissoorten uit het Amazonegebied kunnen opschieten. Natuurlijk moet er toch met het één en ander rekeningen worden gehouden, zodat de dieren ook lekker in hun schubben zitten.