Engelse Mastiff

Engelse Mastiff

Rust is kracht. De Engelse Mastiff heeft een enorme lichaamskracht. Toch zijn niet de spieren, maar zijn rustige, kalme aard zijn sterkste punt. De grote, massieve hond bekijkt situaties erg precies en reageert bij veranderingen eerst afwachtend. Impulsief of zelfs agressief gedrag zit niet in zijn aard.

Eigenschappen

De Engelse mastiff blinkt uit doordat hij zich niet snel zal laten irriteren. Lawaai, stress of andere dieren brengen hem niet snel van zijn stuk. Door zijn benijdenswaardige gelatenheid, zijn rustige terughoudendheid en hoge sensibiliteit heeft de Engelse mastiff in zijn geboorteland Engeland de bijnaam „gentle giant“ gekregen. Het is dan ook een ideale gezinshond en hij heeft ook een aantal successen geboekt als therapiehond.

In tegenstelling tot zijn voorouders, die in de antieke arena’s indruk maakten door hun onverschrokkenheid in het gevecht tegen beren en stieren, heeft de moderne Engelse mastiff bijna geen strijdlustige trekken. De hond is ook vandaag de dag nog een moedige hond. Dat druist in tegen de aanname van de leek, die de terughoudende aard van de hond toeschrijft aan angst. In situaties waarin zijn baasje ernstig bedreigd wordt, zou hij geen moment twijfelen om de aanvaller te lijf te gaan. De grote kracthige hond zou dat gecontroleerd doen – echt aanvallen zodat de aanvaller zwaard gewond zou zijn, zou hij echt alleen in geval van nood doen.

Zijn respect afdwingende uiterlijk, zijn sterke zenuwen en zijn voorzichtige handelen maken hem tot een geschikte waakhond. Deze taak vervult hij in zijn geboorteland Engeland nog vaak.

De hond wordt ook gezien als een goedmoedige en vriendelijke gezinshond.

Mastiffs hebben een zeer nauwe band met hun baasje. Zijn enorme lichaamsgewicht en grootte weerhoudt hem er niet van om zijn baasje te knuffelen.

Dankzij hun karakter zijn Engelse mastiffs makkelijk op te voeden. Ze doen er gewoonlijk alles aan om het hun baasje naar de zin te maken. Deze intelligente viervoeters zijn echter wel een beetje eigenzinnig – absolute gehoorzaamheid kan dus niet verwachten. Omdat deze ongehoorzaamheid nooit agressief gedrag tot gevolg heeft, is het voor de bezitter echter geen probleem.

Het samenleven met een mastif verloopt erg harmonisch, door zijn onverstoorbare gelatenheid en zijn liefde voor mensen. In de omgang met kleine kinderen of oudere mensen blijkt hij vaak een empathisch speelkameraadje en metgezel te zijn. Ook tegenover zijn soortgenoten en anderen dieren stelt hij zich opmerkelijk tolerant op. Het duurt echter een poosje voordat de band met zijn baas zo hecht en innig is als hier beschreven.

Tegenover vreemden neemt hij een gelaten, maar gedistancieerde houding aan.

Liefdeskwesties pakt de de Engelse mastiff op de volgende manier aan: hij observeerd de mensen eerst en maakt een inschatting voordat hij een mens zijn liefde schenkt.

Uiterlijk

Ondanks zijn goedmoedig en liefdevol karakter staat de Engelse mastiff in sommige Europese landen op de rassenlijst. Dat betekent dat het houden van een Engelse mastiff alleen is toegestaan als er bepaalde regels in acht worden genomen. Dit ligt niet zo zeer aan zijn aard, maar meer aan zijn imposante verschijning. Het "potentiële gevaar" is verbonden met zijn grootte en kracht. Het is zonder twijfel zo dat zijn machtige schedel met brede kaak respect afdwingt. Het is niet nodig om bang te zijn voor hem, maar toch kan het enthousiast opspringen ongewenste gevolgen hebben. Daarom is er zonder twijfel een liefdevolle consequente opvoeding en een uitgebreide socialisatie nodig, om de hond te leren zijn kracht in te schatten en te doseren.

Met een schofthoogte tot 90 cm en een gewicht tot 100 kg is de Engelse mastiff per slot van rekening een van de grootste en zwaarste honden ter wereld. Het mastiff mannetje „Aicama Zorba La-Susa“ woog in november 1989 155,58 kg en had een schouderhoogte van 95 cm. Hij was dan ook de zwaarste hond ter wereld en stond in het "Guinness World Records".

Op de rassenlijst van FCI staat de mastiff op nummer 264 (groep 2, sectie 2: Molossers en berghonden), maar er wordt geen precies gewicht voor de hond gegeven. Er is een bepaalde grootte wenselijk, maar alleen als het geen invloed heeft op de gezondheid. Volgens de standaard moeten grootte en gewicht in een „goede verhouding“ staan. Het lichaam van de grote, massieve viervoeter moet goed gevormd zijn en hij mag in geen enkel geval overgewicht hebben. De ideale Engelse mastiff is groot, massief en krachtig en maakt een harmonische indruk.

De korte en gladde vacht van de Engelse mastiff is strak en laat de spieren goed uitkomen. Hij heeft zijn zijn karakteristieke kwadratische uiterlijk  te danken aan de hangende lippen, de hangende oren en de rimpels, die op zijn voorhoofd verschijnen als hij aandacht krijgt. De sterk gespierde nek, die qua omvang bijna net zo groot is als het hoofd, versterkt de massieve verschijning. De mastif heeft verschillende vachtkleuren: abrikoos, fawn of gestroomd. Een donkere kleur rond de neus, mond en oren is gewenst. Dit vormt het typische masker van de mastiff. Overmatig veel witte vlekken op het lichaam, de borst of de poten worden daarentegen niet geaccepteerd.

Geschiedenis

De kleur van de mastiff heeft in het verleden – naast andere uiterlijke kermerken – onenigheid tussen vakmensen veroorzaakt. Dat heeft vermoedelijk te maken met het feit dat de afstamming van de mastiff niet eenduidig is.

In het Romeinse Rijk diende zware honden, die lijken op de mastiff van vandaag, als oorlogshonden. De Kelten en Normandiërs zouden de hond uiteindelijk naar Groot-Brittannië hebben gebracht, het land van oorsprong. Een andere theorie stelt dat de mastiff een nakomeling is van de molosser, die uit Epirus en Macedonië via handelsschepen in Engeland terecht kwam. Weer andere beweren daarentegen dat de mastiff afstamt van de Tibetaanse mastiff. Vroegere bronnen zien de mastiff als autochtoon hondenras. Met andere woorden zou dit hondenras zichzelf ontwikkeld hebben en zonder doelgericht fokken ontstaan zijn. In elk geval de verbinding met de Tibetaanse mastiff kon worden weerlegd.

De geschiedenis van de voorouders van de mastiff in de oudheid kan niet helemaal achterhaald worden, maar in elk geval vanaf de Middeleeuwen is het wel te traceren. De mastiff duikt voor het eerst op in de 14e eeuw in een verhandeling van de eerste hertog van York, Edmund van Langley. Daarbij moet wel vermeld worden dat alle massieve honden met een brede bek en een kwadratische schedel in Engeland als mastiff bestempeld werden. Het staat vast dat honden van het type mastiff – vooral in Groot-Brittannië – veelzijdig werden ingezet. Ze worden zowel als oorlogshond, waakhond, jachthond en vechthond genoemd. Het eerste bewijs voor een mastiff als „oorlogshond“ is te vinden in verhaal van de Slag van Agincourt in 1415, waar een van de massieve honden zijn zwaar gewonde baasje bijstond en hem beschermde tegen verdere vijandelijke aanvallen. In de bovenklasse waren de krachtige honden als jachthonden bij de jacht op beren of wilde zwijnen geliefd. Ze dienden in de middeleeuwen echter vooral als volksvermaak bij openbare beren- en stierengevechten. In de omgeving van Londen werden er in de 16e eeuw arena’s gebouwd. Bij zogenaamden „Bear- und Bullbaiting“ moesten mastiffs (en andere grote honden) tegen beren, leeuwen, stieren en andere roofdieren optreden. Er kwam pas een einde aan de wrede carrière als vechthond in 1835, toen deze bloedige evenementen door de Britse regering werden verboden. Ongeveer tegelijkertijd begon men in Engeland met het fokken van de oude Engelse mastiff. In 1872 werd de eerste mastiff-club opgericht en werd er bewust gekruist met gladharige St. Bernards, die voor meer zachtaardigheid en balans in het karakter van de mastiff zorgde. Dit verandere echter niets aan het feit dat het mastiffras na het verbieden van de dierengevechten van het toneel verdween.

Tijdens de twee wereldoorlogen dreigde het ras zelfs compleet uit te sterven, omdat bijna niemand deze reusachtige honden kon voeden in de oorlogsjaren. In Canada en de VS overleefden een paar exemplaren en daardoor kon de fokkerij na het einde van de oorlog in Groot-Brittannië weer worden opgepakt.

De oude Engelse mastiff is vandaag de dag niet alleen een van de grootste en oudste hondenrassen ter wereld, maar is ook het uitgangspunt voor een hele reeks grote hondenrassen zoals de Deense dog, Newfoundland, Bullmastiff en St. Bernard. In tegenstelling tot zijn familie is de mastiff (afgezien van zijn geboorteland Engeland) vandaag de dag een zeer zeldzaam ras.

Gezondheid en verzorging

De grootte weerhoudt sommige hondenliefhebbers ervan een mastiff te kopen. Per slot van rekening heeft zo’n reus niet alleen veel plaats nodig, maar ook veel voer. De vacht heeft in elk geval niet veel verzorging nodig. Simpelweg borstelen is al genoeg om de gladde, korte vacht schoon te houden. De hond zal hier met volle teugen van genieten. Schenk vooral veel aandacht aan de huidplooien, waarin parasieten graag nestelen en waar zich vuil kan ophopen.

Om infecties te voorkomen is het nodig om dit regelmatig te controleren en het schoon te houden. Verder is de mastiff een erg robuust hondenras met weinig erfelijk bepaalde ziektes. Toch hebben veel honden van dit ras, net als andere honden van hun grootte, last van heupproblemen. In enkele gevallen zijn er ook hart-en vaatziekten bekend.

Mastiffs kunnen ook maagtorsi krijgen. Om dit te voorkomen is het beter om over de dag verdeeld kleine porties te geven in plaats van een grote maaltijd. Een uitgebalanceerde voeding draagt – net als bij mensen – bij aan de gezondheid van het dier. Omdat mastiffs genoeg kilo’s met zich meeslepen, moet men erop letten dat ze niet te dik worden. Door overgewicht worden ze traag. Bovendien belast het ook de structuur van de botten, wat weer andere gezondheidsproblemen tot gevolg kan hebben.

Het houden van een mastiff en de opvoeding

Net zoals een gezonde voeding en een regelmatig bezoek aan de dierenarts is voldoende beweging voor de gezondheid van de mastiff ook absoluut noodzakelijk. Om een hond van zijn grootte te houden is een huis met een grote tuin, waarin hij zichzelf kan uitleven ideaal. Het is natuurlijk geen vervanging voor de dagelijkse wandelingen.

Voor de mastiff is de nabijheid van zijn baasje het aller belangrijkste. De aanhankelijke hond wil er altijd bij zijn en is daarom niet geschikt om in een hok te houden.

Mastiffs hebben veel behoefte aan liefde. Daaom is het van belang dat zijn opvoeder steeds rustig en liefdevol met hem om gaat en dat hij veel geprezen wordt. Luide, geschreeuwde commando’s schrikken de harmonieuze viervoeter af.

Ondanks zijn goedmoedige aard heeft een mastiff een consequente opvoeding nodig, die hem duidelijk maakt wat er van hem verwacht wordt. Inconsistent gedrag brengt de hond in verwarring. Een uitgebreide socialisatie van de puppy stimuleert de rustige aard van de hond. Als koper moet men er daarom op letten dat de jonge mastiff snel in aanraking komt met katten, kinderen, joggers en fietsers. Als hij als puppy al veel ervaring heeft opgedaan, zal hij niet snel schrikken of onverwachts reageren.

Een goed gesocialiseerde en opgevoede hond is in elk geval – ondanks zijn grootte – gemakkelijk te houden. Door zijn onverstoorbare kalmte, zijn vriendelijkheid tegenover kinderen en zijn vreedzame beschermingsinstinct is hij geschikt als waakhond en als therapiehond en is hij een trouwe gezinshond met een ontzettend groot hart.

Onze meest behulpzame artikelen

Cane Corso

Soeverein en gelaten – zo komt een evenwichtige Cane Corso Italiano over. Officieus is het uit Zuid-Italië afkomstige ras ook bekend onder de naam "Italiaanse Mastiff" of “Italiaanse Molosser”. Buiten Italië wordt het ras steeds bekender. Het ras is vooral geschikt voor sportieve baasjes met veel plaats en hondenervaring.

Mopshond

„Multum in parvo“ – de bekende Latijnse uitdrukking beschrijft de mopshond doeltreffend. Want in zijn kleine lichaam zit „veel hond“. Met zijn onvergelijkbare charme en humor in combinatie met intelligente en diepte zorgt de mopshond voor amusement in het alledaagse leven van zijn baasje.

Cavalier King Charles Spaniël

Een erg opvallend kenmerk onderscheidt de Cavalier King Charles Spaniël van de King Charles Spaniël: zijn neuslengte. Beide rassen zijn vernoemd naar de koningen Charles I en Charles II, die grote Spaniëlvrienden waren. Tot op de dag van vandaag heeft de Cavalier King Charles Spaniël niks van zijn oorspronkelijke charme verloren.