Pyrenese berghond

Pyrenese berghond

Opofferingsgezind, dapper en trouw tot in de dood: de imposante Pyrenese berghond belichaamt het ideaal van middeleeuwse waardes zoals bijna geen andere hond. Zo werd de voormalige berghond al snel ingezet om kastelen te bewaken. Het hof van Lodewijk XIV pronkte ook met de aanwezigheid van de aantrekkelijke reus.

Eigenschappen

Deze hond die oorspronkelijk als berghond werd gefokt, valt op door zijn uitgesproken waakzaamheid. Hij houdt ervan zijn „roedel“ te hoeden en te bewaken. Hij is moedig en in geval van nood bereid zijn baas ten alle tijden te verdedigen. Omdat hij vroeger vaak voor lange tijd met de kudde schapen alleen werd gelaten, is hij eraan gewend zelf beslissingen te nemen en onafhankelijk van de mens te reageren. De hond is dus ook als gezinshond een tikkeltje eigenwijs, waardoor hij commando’s van zijn baas niet altijd opvolgt en soms zijn eigen plan trekt. Ondanks zijn zelfverzekerde aard is hij tegelijkertijd ook op mensen gericht en zachtaardig. Hij bouwt een erg sterke band met zijn baasje op. Vooral in de omgang met kleine kinderen of kleine huisdieren is hij erg geduldig en zachtaardig. Zijn gelatenheid en goedmoedigheid tegenover zwakkeren maken van de voormalige berghond een fijne rustige metgezel, die – als er aan bepaalde eisen wordt voldaan –  geschikt is als gezinshond. Hij is niet snel op zijn teentjes getrapt en is van nature helemaal niet agressief. Door deze eigenschap nam hij als berghond geen onnodige risico’s. In het gevecht met een wolf of beer moest hij ten slotte ook de kudde in de gaten houden en bovendien mocht hij niet zomaar het risico nemen gewond te raken of te worden gedood. De imposante reus gebruikt zijn verschijning om respect af te dwingen. Hij is zich bewust van zijn kracht en uitstraling en gaat ervan uit dat zijn vijanden daardoor al op de vlucht slaan. Op zijn laatst als hij zijn krachtige zeldzame geblaf laat horen, weet de vijand dat hij het gevecht met deze spierbundel beter uit de weg kan gaan. Hij is wantrouwend tegenover vreemden die in de buurt van zijn territorium komen, maar zal nooit zonder reden andere mensen of dieren aanvallen. Als je de hond op de juiste manier houdt en hem op een consequente en liefevolle manier opvoedt, zal de eigenzinnige berghond een betrouwbare beschermer en zachtaardig metgezel van het gezin zijn.

Uiterlijk

De eigenaren van een Pyrenese berghond kunnen zeker zijn van bewonderende of respectvolle blikken van andere mensen. Met zijn krachtige postuur en zijn machtige manen maakt de reus zelfs indruk op hondenkenners. Alleen al zijn enorme omvang zorgt ervoor dat men deze rashond niet over het hoofd kan zien. Reutjes halen een schofthoogte tussen de 70 en 81 cm. Teefjes zijn met een schofthoogte van 65 tot 75 cm wat kleiner. De honden wegen tussen de 65 en 60 kg.

Ook de vachtkleur van de Pyrenese Berghond springt in het oog – behalve als hij zich in een kudde schapen bevindt. De rashond komt in zuiver wit of in licht geel voor. Lichtgele, tankleurige, wolfsgrijze of lichtgrijze aftekeningen bij het hoofd, de oren en de staart zijn toegestaan. De dubbele vacht, die  bestaat uit dichte fijne onderwol en ruw weerbestendig dekhaar, is relatief lang en kan zowel recht als golvend zijn. Door het dikke haar, dat de honden betrouwbaar beschermde tegen de extreme klimatologische omstandigheden in de bergen, maken de mooie rashonden een elegante bijna majestueuze indruk. Dit beeld wordt versterkt door de lange haren rondom de nek. De haren zien eruit als manen. Ook bij de staart en de poten is het haar iets langer dan op andere plekken.

Ondanks zijn aanzienlijke omvang is de Pyrenese Berghond eerder lang dan hoog. De borst is breed en diep. De rug recht en gespierd. De relatief kleine, driehoekige hangoren liggen dicht tegen het brede V-vormige hoofd aan. De hond spits zijn oren alleen als hij alert is. De hangende, borstelige staart hangt in rusttoestand. In een gespannen of alerte toestand krult de hond zijn staart over zijn rug. Zijn amandelvormige ogen zijn naar verhouding klein en altijd donkerbruin. Zijn neus is donkerzwart. Typisch voor de Pyrenese Berghond zijn de dubbele hubertusklauwen aan de achterpoten, ook wolfsflauw genaamd.

Geschiedenis

Tussen de Middellandse Zee en de Atlantische Oceaan scheiden de Pyreneeën het Iberisch schiereiland van de landmassa van Europa. Dit machtige gebergte is het geboorteland van de Pyrenese Berghond, die zowel aan de Franse als ook aan de Spaanse kant van dit gebergte leeft. Toen de eerste rassenstandaard voor de berghond werd vastgelegd, konden Frankrijk en Spanje het niet met elkaar eens worden over een gemeenschappelijke variant. Omdat het niet lukte zijn er twee verschillende hondenrassen: aan de ene kant de hierbeschreven Franse Chien de Montagne des Pyrénées (ook Pyrenese Berghond of Patou genaamd) en aan de andere kant de Spaanse Mastín del Pirineo. De verschillen zijn echter zeer klein. Ten slotte hebben de honden dezelfde geschiedenis.

De voorouders van de twee rashonden leefden vermoedelijk al meer dan 3000 jaar geleden in deze regio. Skeletten uit de Bronstijd suggereren dat, zoals Harper Trois-Fonteneys in zijn boek „Meine Reisen und meine Hunde“ meedeeld. Al in de vroege Middeleeuwen werden deze indrukwekkende dieren als berghond ingezet. De honden moesten hun kostbare kudde schapen beschermen tegen wolven en beren. Hun dikke vacht beschermde hen niet aleen tegen extreme klimatologische omstandigheden in het hooggebergte, maar ook tegen aanvallen van wilde dieren. De herders gaven de honden halsbanden met stekels om dodelijke aanvallen van hongerige beren en wolven te vermijden. Ten slotte waren de grote witte berghonden van onschatbare waarde voor de herders. Ze werkten zeer zelfstandig en waren altijd trouw aan hun kudde. Zelfs bij langere afwezigheid kon de herder op het waakinstinct, het reactievermogen en de moed van zijn honden vertrouwen.

Daardoor vielen de dappere en imposante reuzen ook al snel bij de adel in de smaak. Pyrenese berghonden werden vanaf de 15e eeuw al ingezet op Franse kastelen als waakhond. In de 17e eeuw werden ze ook als prestigieuze gezelschapshonden gehouden. Overleveringen laten zien dat de indrukwekkende honden onder andere werden gehouden in het Château de Lordes en later aan het hof van de Franse koning Lodewijk XIV. Ondanks deze prominente vertegenwoordigers raakte de rashond, waarvoor de eerste officiële standaard in 1923 werd geschreven, door de jaren heen in de vergetelheid. De tijden van grote schapenfokkerij waren voorbij en in de Pyreneeën leefden bijna geen beren en wolven die een gevaar vormden voor de overgebleven schapenkuddes. De oorlogen deden de rest; er was bijna niemand die de grote berghonden kon voeden. Gelukkig waren er in en buiten Frankrijk een paar liefhebbers die aan dit indrukwekkende ras vasthielden en met een paar fokdieren ervoor zorgden dat dit ras het kon overleven. Door het toenemende tourisme in de jaren 80 werd de hond weer bekend, waardoor hij ook buiten de Franse bergen geliefd werd als waak- en gezinshond.

Fokkerij en gezondheid

Het aantal fokkers buiten Frankrijk, het land van herkomst, steeg aan het einde van de 20ste eeuw aanzienlijk. De verschillende fokkers streven nog altijd naar een nauwe uitwisseling om buiten de landsgrenzen te zorgen voor een brede fokbasis en dus voor een hoge kwaliteitsstandaard van het hondenras. Het behouden van de waakzame en zachtaardige aard en het behoud van de gezondheid staan bij de selectie van fokdieren op de voorgrond. Ondanks zijn robuuste fysieke conditie heeft de Pyrenese Berghond aanleg voor elleboog- en heupdysplasie (HD). Ook kanker en Arthrose op latere leeftijd komen bij deze rashonden vaak voor. Regelmatige bezoeken aan de dierenarts kunnen deze ziektes niet voorkomen, maar de kans op genezing is wel groter bij een vroege diagnose.

Voeding en verzorging

Niet alleen controles door een dierenarts dragen bij aan de gezondheid van de hond. Het is ook van belang dat je de hond op de juiste manier houdt, hem op de juiste manier verzogrt en het juiste voer geeft. Een serieuze fokker die het welzijn van zijn pups belangrijk vindt zal de toekomstige bezitters een uitgebreide voerhandleiding meegeven en advies geven. Natuurlijk moet je als bezitter van zo’n groot dier de dagelijkse hoeveelheid voer niet onderschatten. Belangrijker dan de hoeveelheid is echter de kwaliteit van het voer. Verstandig is een mix van droogvoer en vlees. Volwassen Pyrenese berghonden eten ongeveer 1-2 kg voer per dag (afhankelijk van de leeftijd, het geslacht en de activiteit van de hond). Ten minste de helft van het voer zou uit vers vlees moeten bestaan. Sommige fokkers zijn ook te spreken over „BARF“, dat staat voor "Bones And Raw Food" of ook "Biologically Appropriate Raw Food". Dit concept onthoudt zich van industrieel bereide hondenvoer en richt zich op een natuurlijk en oorspronkelijk dieet: rauw vlees en botten als energie- en calciumbrond en groete en fruit voor de vitamine-inname. Verse levensmiddelen en veel vlees zijn zeker niet zo goedkoop als kant en klaar hondenvoer. Toch zou de gezondheid van de hond boven de kosten moeten staan.

Een andere bijdrage aan de gezondheid levert de verzorging van jouw viervoeter. De lange vacht moet regelmatig geborsteld worden, zodat de vacht niet gaat vilten. Om de mooie vacht op de juiste manier te verzorgen en de glans te behouden is het voldoende de vacht om de dag uitvoerig te borstelen. Ook de ogen en oren moeten regelmatig worden schoongemaakt en gecontroleerd worden. De wolfsklauwen aan de achterpoten moeten met bepaalde intervallen worden getrimd.

Houden en opvoeding

Naast de juiste verzorging en voeding is ook het ook van belang de rashond op de juiste manier te houden. Een Pyrenese Berghond heeft veel plaats nodig. Als berghond is hij gewend zijn reusachtige territoriumte te bewaken. Als gezinshond heeft hij een tuin nodig, zodat hij zijn beschermingsinstinct kan uitleven. De de vrijheidslievende en natuur-liefhebbende honden zijn niet geschikt om in een krappe stadswoning of in een hok te houden. Lange wandelingen en veel beweging zonder lijn zorgen ervoor dat de hond tevreden blijft.

Zowel thuis als ook tijdens de dagelijkse wandeling moet het territoriaal gedrag van de Pyrenese berghond niet worden onderschat. De hond houdt alles om hem heen scherp in de gaten en zal zijn grondgebiet beschermen en als het nodig is ook verdedigen. Een goede omheining van jouw grondgebied is dus net zo noodzakelijks als een liefdevolle consequente opvoeding, waarin de hond leert in welke situaties zijn waakzaamheid nodig is. Omdat Pyrenese bergnhonden erg eigenwijs zijn en commando’s niet altijd opvolgen, moet er vanaf het begin een sterke vertrouwensband tussen de hond en het baasje worden opgebouwd. De hond moet kunnen vertrouwen op de bekwaamheid van de roedelleider. Pyrenese berghonden zijn geen honden voor beginners. Ze hebben een ervaren baasje nodig, die op een liefdevolle consequente manier leiding geeft. Alleen onder de juiste leiding ontwikkelen de honden zich tot een trouwe en betrouwbare partner die zijn baasje letterlijke altijd ter zijde zal staan.

Onze meest behulpzame artikelen

Mopshond

„Multum in parvo“ – de bekende Latijnse uitdrukking beschrijft de mopshond doeltreffend. Want in zijn kleine lichaam zit „veel hond“. Met zijn onvergelijkbare charme en humor in combinatie met intelligente en diepte zorgt de mopshond voor amusement in het alledaagse leven van zijn baasje.

Cane Corso

Soeverein en gelaten – zo komt een evenwichtige Cane Corso Italiano over. Officieus is het uit Zuid-Italië afkomstige ras ook bekend onder de naam "Italiaanse Mastiff" of “Italiaanse Molosser”. Buiten Italië wordt het ras steeds bekender. Het ras is vooral geschikt voor sportieve baasjes met veel plaats en hondenervaring.

Cavalier King Charles Spaniël

Een erg opvallend kenmerk onderscheidt de Cavalier King Charles Spaniël van de King Charles Spaniël: zijn neuslengte. Beide rassen zijn vernoemd naar de koningen Charles I en Charles II, die grote Spaniëlvrienden waren. Tot op de dag van vandaag heeft de Cavalier King Charles Spaniël niks van zijn oorspronkelijke charme verloren.